Interview met Joris Laarman

Door Regina Zwaagstra

  • Joris Laarman, Amsterdam, photo: Maikel Samuels

Joris Laarman (1979) is ontwerper, uitvinder en kunstenaar. Hij experimenteert samen met ingenieurs, programmeurs en ambachtslieden op het snijvlak van kunst, wetenschap en technologie. Joris Laarman Lab was zijn eerste grote solotentoonstelling. In 2017 reist de expositie door naar de Verenigde Staten, startend in New York.

“Ongeveer tien jaar geleden kwamen Mark Wilson en Sue-an van der Zijpp een keer langs om te kijken wat ik deed. Het enige wat ik me daar nog van kan herinneren is dat Mark op een gegeven moment zei: ‘but where is the art?’. Hij was op zoek naar waar het schuurde met de kunstwereld. Het eerste werk dat ze aankochten was een hooggepolijste glimmende variant – om het nog meer over the top te krijgen – van de design radiator Heatwave.

Het Groninger Museum heeft een heel specifieke stijl van verzamelen. Er zijn heel veel musea die op het gebied van vormgeving vooral functionele gebruiksvoorwerpen verzamelen, maar jullie museum concentreert zich op de sculpturale kwaliteit van het werk, waardoor het andere dingen verzamelt dan andere musea zouden doen.

Wat ook uniek is, is dat het Groninger Museum niet per se focust op groepstentoonstellingen of hier en daar een werk van iemand aankoopt, maar dat jullie heel intensief mensen volgen. Dat doet bijna geen enkel ander museum en ik vind het heel goed dat een museum in Nederland dat doet. Het stimuleert de carrières van kunstenaars. Door jaarlijks dingen aan te kopen, maakt het heel veel andere dingen ook mogelijk: zo kun je groeien in wat je doet. Je ziet ook dat het bij mensen als Iris van Herpen en Jaime Hayon heel goed heeft uitgepakt. Mijn solotentoonstelling is een lang proces geweest. We hebben gewacht tot het moment daar was dat er een goede tentoonstelling te maken was die consistent was in zijn inhoud en kwaliteit. Heel veel mensen denken dat het een soort retrospectief is, maar in mijn optiek is het eigenlijk precies het omgekeerde. Het laat juist zien in welke staat we nú zijn. Je presenteert eigenlijk letterlijk wie je bent als kunstenaar. Dat het niet één serie werk is, maar een hele hoop series bij elkaar die een samenhangend verhaal vertellen. Ik had mensen in mijn expositie die echt tot tranen toe geroerd waren, terwijl het gewoon technologie is.

We hebben het gastenboek doorgelezen en de mooiste opmerking vond ik dat ‘Bowie waarschijnlijk naar die andere tentoonstelling was gegaan’, namelijk die van mij, een verdieping lager. Hij keek natuurlijk ook altijd vooruit. Het gekke is, ik had daarvoor helemaal niks met David Bowie, maar sinds de tentoonstelling zijn we op een bepaalde manier altijd aan elkaar verbonden.”

Lees meer over Joris Laarman in het Cooper Hewitt Smithsonian Design Museum in een Artikel van Forbes